Lagarde Viaur, Najac en Capriglia

In een dorp waar problemen niet meer zijn dan een deur die klemt of een grasmaaier die stokt in het midden van het gazon, heb ik de balans opgemaakt van een jaar. Wat voor een jaar was dat? Een uitdagend jaar. Ik kan niet voor andere mensen spreken, maar soms lijkt het alsof iedereen tegenwoordig van uitdaging naar uitdaging leeft. Alsof dat het nieuwe leefritme is geworden. Weekdagen bestaan niet meer, het is dag in dag uit op zoek naar oplossingen en mogelijkheden.

Vorig jaar rond deze tijd schreef ik dagelijks op mijn blog, dit hield sterk verband met de situatie van dat moment. Mijn mobiliteit was beperkt tot liggen en korte afstanden(van de bank naar de keuken en terug) schuifelen. Vandaag de dag kan ik weer zitten, autorijden, honderden meters wandelen en een paar uur therapeutisch werk verrichten. Wat een verschil met vorig jaar. Toch blijft er altijd de vergelijking met ‘vroeger’, want vroeger kon ik kilometers hardlopen, uren achtereen fietsen, had ik een actief sociaal leven en kon ik twaalf uur lang door een stad lopen en uitgaan. Dat zit er voorlopig (nog) niet in. Tot die tijd blijf ik kijken naar wat ik wel kan en hopen dat ik volgend jaar terugkijk en mezelf verbaas over wat ik dan weer meer kan dan nu. Laatst heb ik voor het eerst weer gefietst. Wat een stap is dat wanneer je ruim een jaar alleen naar je fiets gekeken hebt. Ik kon niet langer dan tien minuten fietsen, maar het begin is er.

Dankzij dorpjes als Lagarde Viaur, Najac en Capriglia kan ik terugkijken en de balans opmaken. Want het is in die dorpjes dat mijn creatieve energie begint te stromen. Dit bericht is daar de eerste uiting van. Geen idee wat er volgt, maar de stap is genomen.

 

Tot gauw,

 

Ber Runderkamp

Advertentie

Op naar de drukker

Na al het harde werk van de afgelopen weken/maanden/jaren, is het dan eindelijk zover. Het manuscript is naar de drukker en wordt daar in zijn geheel met het boekomslag tot een boek gevormd.

Hiermee gaat een droom van me in vervulling. Ik kan met woorden niet uitdrukken hoe opgewonden ik ben om het boek met jullie te delen.

Hoe vaak hoor je niet dat het om de reis gaat en niet zozeer om de bestemming. In dit geval is dat ook zo, maar de bestemming is toch ook uitzonderlijk mooi. Het schrijfproces is bijzonder, intens, heftig maar het geeft een voldoening die als het ware een zielenwens vervult. Het is een vorm van therapie. Ik kan mezelf er in kwijt. Ik kan mijn twijfels, angsten, dromen, wensen en hartstocht er in kwijt. Het is als het ware een klankbord dat niet oordeelt. Ik ben de enige die oordeelt over mezelf en mijn eigen uitingen.

Dit alles heeft geleid tot een boek. Ik wacht geduldig de proefversie af en laat jullie zo snel mogelijk weten wanneer het boek te verkrijgen is in de boekwinkels en online.

 

Tot gauw,

 

Ber Runderkamp

Tijd

De laatste paar weken ben ik enigszins gedwongen om ‘andere’ dingen te gaan doen met de tijd die ik heb. Doordat ik nog weinig mobiel ben, is de laptop op het krukje voor me, mijn nieuwe beste vriend geworden. Ik schrijf veel. Al zijn het maar stukjes voor mijn website, gedichten, anekdotes of updates over de vorderingen betreffende mijn debuut, ik schrijf. Dat is wat er toe doet.

In de tussentijd ben ik meer dan alles bezig met mijn gezondheid. Er zijn weken waarin ik afspraken heb met de internist, neuroloog, huisarts, bedrijfsarts, fysiotherapeut, orthomoleculair arts en natuurlijk mijn eigen lichaam. Als ze geen bloed willen hebben, vinden ze wel genoegen in het horen van mijn verhaal. Waarop ik het proces dat begin mei zowat begon, uit mijn hoofd opdreun. Telkens komt daar weer een stukje bij. Het is alsof ik dat spelletje speel: Ik ga op vakantie en neem mee: Telkens komt er een object bij. In dit geval is het: Ik ben ziek en ga naar:

Zo is het dus ook met mijn ziekteverloop, beter gezegd, mijn herstelverloop. Want daar ben ik heilig van overtuigd. Ik zal herstellen. Ik zal weer lopen. Ik zal het zand weer onder mijn voeten voelen knarsen. Ik zal de zee weer aan mijn tenen voelen likken. De zeemeeuwen zullen weer in mijn oren krassen en de zilte geur zal mijn neus weer prikkelen. Tot die tijd blijf ik schrijven.

Ik ben niet de enige die schrijft. Zo kreeg ik over de afgelopen weken verspreidt beterschap kaarten. Niet alleen van familie, vrienden en kennissen, maar ook van collega’s. Bij deze wil ik iedereen en in het bijzonder mijn collega’s dan ook van harte bedanken voor hun steun. Ik mis jullie enorm en hoop gauw weer aan het werk te kunnen.

Zolang ik niet aan het werk kan, blijf ik schrijven. Soms heb ik van die dagen dat het uit me stroomt als water uit de kraan. Op andere dagen komt er geen woord op papier. Afgelopen woensdag kreeg ik antwoord van mijn redigent. Ze schreef dat ze halverwege mijn verhaal was en dat ze het tien keer sterker vindt dan de eerste versie. Het verhaal schreeuwde volgens haar ook om doorgelezen te worden, ze heeft alleen weinig tijd om het in te passen. Dit vind ik helemaal niet erg. Als het maar goed gedaan wordt. Ik heb de tijd en als straks mijn manuscript terugkomt met de aantekeningen erbij, ga ik het als de donder aanpassen. Wie weet welke stappen er dan volgen.

Idee├źn voor het boekomslag zijn er al. Ik heb met mijn vormgever overleg gehad. Hij zal wat opzetjes maken om verder mee te kunnen.

Kortom, het schrijfproces is klaar. Het manuscript wordt geredigeerd en ik ben al bezig met de vervolgstappen.

 

Tot gauw,

 

Ber Runderkamp